Beleidsplan
Inhoudsopgave
Intro in situ,
een zelfstandige hedendaagse muziekvoorziening
met een productiehuis, werkplaats en podium
1 Hedendaagse muziekvoorziening
met drie kernfuncties
- Productiehuis
- Werkplaats
- Podium
2 Positie in het culturele veld
- Educatie
- Samenwerkingsverbanden
3 Activiteiten 2009-2012
- De auditieve atlas van Limburg
- Producties en voorstellingen op locatie
- Concertzaal programmering
- Educatieve projecten
- Werkplaatsactiviteiten
- Internationale samenwerking
4 Organisatie en ondersteunend beleid
- Marketing en publiciteit
- Ondernemerschap
- Publiek
- Huisvesting
Intro in situ een zelfstandige hedendaagse muziekvoorziening
met een productiehuis, werkplaats en podium.
Stichting Intro werd in 1984 opgericht met als doel het volgen en stimuleren van belangwekkende ontwikkelingen op het gebied van de 20e eeuwse kamermuziek. In 1997 is de muziek- klankwerkplaats ‘in situ’ opgericht. In situ (onderdeel van de stichting intro) richt zich op klank in al haar facetten in dialoog met de omgevingsruimte.
De voorbije jaren heeft intro in situ het presenteren van nieuwe muziek verder gestalte gegeven. Op een organische manier zijn daarbij productie en (bijzondere) presentatie met elkaar verweven geraakt. Daarmee is intro in situ uitgegroeid tot een ‘voorziening’- bestaande uit een productiehuis, werkplaats en podium – die stevig regionaal en stedelijk geworteld is en door haar artistieke identiteit landelijk de aandacht trekt. Die artistieke identiteit ontleent intro in situ vooral aan het maken van producties op locatie waarin hedendaagse muziek en klankkunst op een bijzondere manier worden gepresenteerd. In de werkplaats richt intro in situ zich op het coachen van musici in combinatie met andere kunstenaars waarbij het productieproces (van repeteren naar produceren) centraal staat. De podiumfunctie is complementair aan de werkplaats – en productiefunctie.
Intro in situ is mede vanwege de vele samenwerkingsverbanden met kunst – en maatschappelijke instellingen als muziekvoorziening goed verankerd in de stedelijke en regionale infrastructuur. Daarbij ontwikkelt intro in situ participerende educatieve activiteiten.
In de nieuwe cultuurplanperiode continueert intro in situ haar huidige activiteiten: Producties en voorstellingen op locatie, programmering in de concertzaal, educatieve projecten, werkplaatsactiviteiten en internationale samenwerking.
Een deel van haar activiteiten gaat intro in situ samenbrengen en documenteren onder de noemer: de auditieve atlas van Limburg.
Intro in situ heeft sinds 2006 een eigen huis met podium en werkplaats. Medio 2011 zal intro in situ (samen met andere culturele instellingen) met het oog op haar te voorziene groei, gehuisvest gaan worden in een nieuwe werkplaats.
In de volgende hoofdstukken beschrijft intro in situ haar artistiek profiel in drie kernfuncties, de positie in het culturele veld, de plannen voor 2009-2012, en haar organisatie.
1 Hedendaagse muziekvoorziening met drie kernfuncties
Het artistiek profiel van intro in situ als hedendaagse muziekvoorziening kent drie kernfuncties: productiehuis, werkplaats en podium. Hoewel deze functies hieronder apart worden besproken hangen ze sterk samen en vertonen een belangrijke synergie. Een samenhangend beleid voor educatie, culturele samenwerking en marketing versterkt deze synergie.
Productiehuis
Intro in situ initieert en produceert concertante voorstellingen op locatie waarbij materieel en immaterieel cultureel erfgoed als inspiratiebron fungeert.
Onder de verbintenis met cultureel erfgoed verstaat intro in situ de verbinding van nieuwe of bestaande muziek met specifieke locaties: landschappen, belangwekkende plekken maar ook de verbinding met verhalen en gebruiken. Intro in situ is daarbij niet direct geïnteresseerd in oude molens of pittoreske kerken. Inspiratiebron is ‘de geest’ van een plek. Die plek kan een verlaten fabriek maar ook een beukenbos zijn. Intro in situ verbindt zich met cultureel erfgoed omdat dit in al haar verscheidenheid een deel van de identiteit van een samenleving bepaalt. Bekende plekken of gebruiken worden op deze manier door nieuwe klanken getransformeerd en met andere oren gehoord waarmee hedendaagse muziek en klankkunst als vanzelf in het dagelijks leven integreren.
Een deel van de producties wordt—met behulp van musici—volledig door de artistieke leiding van intro in situ geconcipieerd. Voor een ander deel worden voorstellen en ideeën van musici, klankkunstenaars en componisten gehonoreerd. Intro in situ zoekt in het productieproces een evenwichtige balans tussen sturen en faciliteren, coachen en afstand nemen.
In de vormgeving van eigen producties stelt intro in situ zich impliciet een aantal vragen: Welke rol speelt de hedendaagse muziek in de (kunst)wereld, en in hoeverre reflecteert hedendaagse muziek de maatschappij (als ze dat al zou moeten doen)? Hoe kan hedendaagse muziek communiceren en hoe luisteren we binnen en buiten de concertconventies? Een beantwoording van deze onderzoeksvragen is geen doel op zich maar creëert een nieuwe ruimte waarin geëngageerde musici en componisten tot onderzoek en of producties kunnen komen.
In Walk during an essay before a sonata (2005 Cultura Nova Brunssummerheide) werd live muziek van Charles Ives op locatie—vanwege de filosofie van de transcendentalisten in een natuurlijke omgeving—voorafgegaan door een radiowandeling waarin een korte documentaire over Ives en zijn essay te horen waren. In deze productie werd de overgang van individueel, via een koptelefoon luisteren, naar samen naar live muziek luisteren onderzocht in een setting waarbij de grens tussen radioluisteren en concertbegin bewust vervaagd werd. Uitvoering: Armeno Alberts en Ralph van Raat.
intro | in situ produceerde in het kader van de boekenweek 2006 Worte ohne Lieder (bibliotheek Maastricht boekenweek 2006),een onderzoek naar schrijven over muziek. Voor Worte ohne Lieder werd aan 6 schrijvers, publicisten en componisten gevraagd een recensie of beschrijving van een (denkbeeldig of gedroomd) concert te geven. Aan de hand daarvan componeerden 6 componisten hun interpretatie van de tekst. Margriet de Moor, Klaas de Vries, Kaspar Jansen, Elmer Schönberger, Arjan Peters en Roland de Beer inspireerden een internationaal gezelschap componisten. Ensemble Klang stond garant voor de uitvoering van de nieuwe werken. Deze teksten werden gepubliceerd in literair tijdschrift Tirade. Composities: Sander Breure, Federico Reuben, Ji Sun Yang, Pete Harden, Sasha Zamler- Carhart en Reza Namavar.
De virtualisering van de (kunst)wereld is ook één van de onderzoeksterreinen van intro in situ. De verhouding tussen akoestische (live) performance en ‘luidsprekermuziek’ in allerlei verschijningsvormen (waaronder radio) is daarin een terugkerend gegeven.
In Spotting (2006 Cultura Nova, Brunssummerheide) was het gedrag van de vogelaar uitgangspunt voor een voorstelling voor luidsprekers, disklavier en piano. De behoefte van de vogelaar om met eigen ogen te zien, en geen genoegen te nemen met geluids – of beeldopnames werd vertaald in een geënsceneerde muziekvoorstelling met (delen uit) de tussen 1955 en 1958 gecomponeerde cataloque d’oiseaux van Olivier Messiaen: een reeks van pianowerken gebaseerd op, door Messiaen gespotte, getranscribeerde vogelgeluiden aangevuld met een herschikking van Andries van Rossem van losse vogelnotities van Messiaen. In ‘spotting’ is de uitvoering van (delen uit) de cataloque op geluidsdragers, disklavier en ‘gewone’ piano, het spel van echt of onecht, performance of reproductie, missen of meemaken. Het geluid beweegt zich door het landschap tussen de soms gelijktijdig en soms elkaar afwisselend uitgevoerde delen van de cataloque. Uitvoerende Ralph van Raat.
Met de integratie van klankkunst in haar producties tast intro in situ bovendien de grenzen af tussen wat door het individu enerzijds als geluid en anderzijds als muziek wordt beleefd.
Op de Hoeve Lichtenberg initieert intro in situ een jaarlijks terugkerend drieluik met montagevoorstellingen waarin publiek langs een parcours geleid wordt met performances en presentaties van klankkunstenaars, gecomponeerde muziek en theatrale performance geconfronteerd met muziek.
Hiermee verhoudt intro in situ zich uitdrukkelijk met de wereld om haar heen terwijl ze zich bewust is van en experimenteert met de context waarin hedendaagse innoverende muziek wordt aangeboden.
Op ‘e’ riid (Oerolfestival Terschelling 2005)
een concertante voorstelling voor op de achterbank; uitgevoerd door een mobiele zender, en een vijfmansfanfare. Volgens het oud Terschellings gebruik op ‘e’ riid gingen eilanders eens per jaar rond St. Jan met paard en wagen naar het oosten van het eiland om muziek te maken en te dansen. In op ‘e’ riid voor Oerol vormt dit oud gebruik een vertrekpunt voor een tocht door het muzikale landschap van Terschelling. Eilanders namen het publiek mee over het eiland.. Oude muziek van het eiland uit archieven is het uitgangspunt voor een nieuwe compositie die werd uitgezonden door een mobiele zender. Aan het einde van de tocht over het eiland was er afsluitend akoestische live-muziek. Compositie: Andries van Rossem, Beeld: Nick Hullegie Uitvoerenden: Baltic Brass.
De inhoudelijke verbinding met het materiële en immateriële erfgoed is vooral het middel en niet zozeer het doel om tot een artistiek eindresultaat te komen. Het eindresultaat moet verwondering, bewondering, ontroering of andere emoties oproepen.
In Alle namen(Musica Sacra 2004 Amerikaanse begraafplaats te Margraten) waren de namen van alle militairen die op Margraten liggen uitgangspunt voor een klankveld dat op de gehele begraafplaats (16 kanaals) op band te horen was. Als voorbereiding voor dit project werden de namen van de militairen op band ingesproken door kinderen—uit Nederland en België—en adoptanten en verzorgers van de graven. Deze opnames werden bouwstenen voor een compositie die als installatie enkele dagen te horen was. Bij de presentatie van dit klankveld werd Insonnia uit gevoerd van Jacob ter Veldhuis. Compositie klankveld: Paul Coenjaarts
Werkplaats
Intro in situ had bij het formuleren van de beleidsvoornemens voor de periode 2005-2008 de verwachting dat er in de werkplaats veel kunstenaars voor langere tijd in residence zouden komen werken. De praktijk wijst echter uit (ook bij collega instellingen als de Jan van Eyck academie) dat kunstenaars niet meer de behoefte hebben voor lange tijd in residence te werken. De voortgeschreden technische ontwikkelingen maken het namelijk mogelijk voor kunstenaars om een eigen studio te hebben. Kunstenaars kunnen daarom veel thuis voorbereiden. De werkplaats wordt vervolgens vooral gebruikt om projecten af te monteren; intro in situ kan daarin technisch faciliteren en inhoudelijk als klankbord fungeren. De werkplaatsfunctie is dus nog steeds cruciaal, maar minder dan in het verleden in residentiële vorm.
In de werkplaats worden ook de eigen producties van intro in situ voorbereid en er worden experimenten getoond die passen in de sfeer van een laboratorium. (Intro in situ heeft nooit een rigide verdeling gemaakt tussen haar productie- en werkplaatsfunctie.)
Is het werken in een werkplaats voor klankkunstenaars gangbaar, een werkplaats voor muziek is echter (nog) geen vanzelfsprekendheid. Musici zijn in het algemeen gewend om een stuk, waar door een componist in afzondering lange tijd aan gewerkt is, na enkele repetities uit te voeren waarbij vooral naar een exacte vertaling van een partituur wordt gestreefd. Vaak wordt er te weinig tijd genomen om te repeteren. Een werkplaats is echter geen repetitielokaal. Het ideaal in een muziekwerkplaats is een innoverend en experimenteel productieproces tot stand te brengen, meer dan een experimenteel eindproduct te maken.
Confrontatie met andere disciplines kan daarin een middel zijn en de rol van de componist zou daarbij een meer flexibele kunnen zijn. Intro in situ gaat zich de komende cultuurplanperiode daarom in de werkplaats explicieter richten op onderzoeksopdrachten waarin productieprocessen bij musici (eventueel samen met andere disciplines) centraal staan. Thematiek daarbij is het theatraliseren van muziek en het werken met verschillende vormen van notatie.
Intro in situ werkt samen met CAT (creative art teams) een initiatief van de kunstenopleidingen van de Hogeschool Zuyd: kunstacademie, toneelacademie, conservatorium en academie voor bouwkunst. CAT heeft als doel het vormgeven en uitvoeren van multidisciplinaire projecten. Binnen een periode van 3 jaar moet dit initiatief helderheid geven over de wenselijkheid en mogelijkheden van multidisciplinaire kunst als curriculum onderdeel.
Op dit moment biedt intro in situ onderdak aan performances van de CAT waarin muziek de hoofdrol speelt. CAT en intro in situ gaan een verdere samenwerking aan waarbij intro in situ fungeert als coach in CAT producties.
In de periode januari-maart 2008 werken een harpiste en een performancekunstenaar op uitnodiging van intro in situ samen om de mogelijkheden en moeilijkheden van het toevoegen van theatraliteit (zonder woorden) aan een muziekperformance te onderzoeken.
Intro in situ heeft het voornemen met ensembles zoals het Ensemble MAE deze onderzoeksterreinen verder te gaan exploreren.
Podium
Omdat intro in situ in Limburg het enige podium is dat hedendaagse muziek programmeert probeert ze een breed beeld van de 20ste eeuwse kamermuziek te schetsen. Om samenhang in het aanbod te brengen programmeert intro in situ thematisch. Intro in situ programmeerde ‘nieuwe muziek op oude instrumenten’, een presentatie van ensembles en solisten die hedendaagse muziek op gamba, luit, klavecimbel, harmonium enz. spelen, ‘meer van hetzelfde’ waarin ensembles bestaande uit gelijke instrumenten bij intro in situ te gast waren en ‘concerten bij kunstlicht’, een serie waarin ensembles en solisten musiceerden die op enigerlei wijze geprojecteerd beeld in hun concerten integreren. Daarnaast wordt met het LSO en Theater aan het Vrijthof vrijwel elk jaar een componistendag georganiseerd.
2 Positie in het culturele veld
Intro in situ kiest er voor om onafhankelijk te blijven. Dit is mogelijk, en zelfs gewenst, vanwege de positie van intro in situ in het (regionale) culturele landschap. Intro in situ is uitgegroeid tot een zelfstandige hedendaagse muziekvoorziening in alle denkbare verschijningsvormen. Deze onafhankelijkheid op inhoudelijke gronden resulteert in de paradoxale maar gezonde situatie dat er in en rond Maastricht geen culturele instelling is die zoveel samenwerkingspartners heeft als intro in situ. De onafhankelijkheid maakt aldus frequente, brede en intensieve samenwerking mogelijk in het culturele veld.Internationaal profileert intro in situ zich met de opgebouwde expertise op het gebied van de klankkunst en de bijzondere vorm van presenteren van locatieproducties. De werkwijze en de identiteit van intro in situ hebben een aantrekkende werking op makers en uitvoerders.
De zelfstandige rol in het culturele landschap brengt ook verantwoordelijkheden met zich mee. Intro in situ geeft hieraan vorm in educatie- en samenwerkingsbeleid.
Educatie
Voor intro in situ is cultuureducatie vooral cultuurparticipatie.
Intro in situ startte daarom in 2007 een eigen educatief programma waarin het ontwikkelen van het auditief bewustzijn bij kinderen centraal staat. Het bewust worden van de aanwezigheid van geluid wordt als ingang gebruikt voor het omgaan met muzikale parameters.
Bij het ontwikkelen en aanbieden van educatieve projecten legt intro in situ geen nadruk op het musiceren of het luisteren naar muziek in de klassieke zin. In plaats van het ‘inhuren’ van ensembles die schoolconcerten geven maakt intro in situ zelf (of met anderen) lesprogramma’s waarbij min of meer vanzelfsprekend de ‘officiële’ grenzen tussen geluid en muziek overschreden worden. Door de integratie van klankkunst in haar activiteiten ontwikkelde intro in situ een uitgebreide expertise op het gebied van het presenteren van geluid op de grens van muziek. In deze aanpak is het spelen van een gewoon muziekinstrument niet aan de orde, veeleer wordt gezocht naar het tot klinken brengen van alledaagse voorwerpen.
Met projecten rondom de ontwikkeling van het auditief bewustzijn beoogt intro in situ spelenderwijs een bijdrage te leveren aan de emotionele en cognitieve ontwikkeling van kinderen.
De educatief medewerker van intro in situ ontwikkelt lesprogramma’s die hierop aansluiten. Daarnaast geeft intro in situ stage opdrachten aan leerlingen van het conservatorium Maastricht.
In De weg van huis naar school worden kinderen bewust gemaakt van de klank van hun dagelijkse omgeving. Ze maken een inventarisatie van de geluiden die ze op weg van huis naar school tegen komen. Kinderen uit 20 schoolklassen krijgen vervolgens een opnameapparaat mee naar huis om de voor hen belangrijke geluiden op te nemen, geluiden die voor hen iets betekenen. De opnames worden met hulp van een begeleider tot een minicompositie verwerkt die fungeert als een soort auditief portret van het schoolgaande kind. De resultaten worden uiteindelijk op een website geplaatst.
In Geachte luisteraar! wordt er aan de hand van een verhaal een hoorspel gemaakt. Kinderen wordt in een aantal stappen geleerd op hoeveel verschillende manieren een vertrouwd geluid (bijvoorbeeld een dichtslaande deur) kan klinken. Nadat kinderen geluiden hebben verzonnen en hebben geoefend worden deze opgenomen en gemonteerd. Intro in situ legde de contacten met lokale radiostations om de resultaten plaatselijk uit te zenden.
Elders in Limburg is (nog) geen structuur in vraag en aanbod voor producenten (culturele instellingen) en afnemers (scholen). Intro in situ bouwt gedurende de educatieve projecten aan een netwerk van scholen waarin toekomstige projecten ‘afgenomen’ kunnen worden. Daarnaast worden met kunstenaars van buiten projectweken ontwikkeld voor middelbare scholen. Hierbij werkt intro in situ samen met het Huis voor de Kunsten in Roermond dat amateur en professionele kunstenaars en instellingen op inhoudelijk en praktisch gebied faciliteert.
Samenwerkingsverbanden
Voor een deel vloeien de activiteiten van intro in situ voort uit de vele samenwerkingsverbanden die worden aangegaan met partners in en buiten de stad Maastricht. Intro in situ zoekt die samenwerking omdat ze niet alles zelf wil en niet alles zelf kan. Intro in situ verbindt zich daarbij ook over de grenzen van de cultuur met maatschappelijke instellingen. In de samenwerkingsverbanden wortelt intro in situ sterk in stad en regio. Ook het gros van de internationale activiteiten vindt plaats in samenwerkingsverbanden.
Producerende samenwerking (binnenland)
Intro in situ werkt producerend samen met Theaterwerkplaats Huis van Bourgondië, Festival Cultura Nova, Festival Musica Sacra, Theater aan het Vrijthof, Conservatorium Maastricht, Toneelschool Maastricht, Ensemble 88, Wereld Muziek Concours Kerkrade, Limburgs Symphonie Orkest, Filmhuis Lumière, Vereniging voor Natuurmonumenten, VAMP: vereniging actuele muziekpodia. Art2connect, Festival Cement, Welzijnsorganisatie Traject, Faculteit Health, Medicine, and Life Sciences van de Universiteit van Maastricht, Marres, Bonnefantenmuseum, Museum het Domein.
Producerende samenwerking (buitenland)
Met de Belgische partner Musica gaf intro in situ, onder de titel Klankenbos een 3 jarig Europees project rondom klankkunst vorm. Met organisaties uit Kortrijk (B) Musica (B), Berlijn (D) en Lille (F) vormt intro in situ een internationaal netwerk van expertise op het gebied van klankkunst. Speerpunten daarin zijn kennisuitwisseling en het organiseren van festivals waarin kunstenaars uit de vier landen de gelegenheid krijgen als in een carrousel te exposeren.
Onderzoek
Intro in situ werkt samen met de faculteit Cultuur- en Maatschappijwetenschappen van de Universiteit Maastricht in een onderzoeksproject naar veranderingen in de beleving van muziek door de opkomst van nieuwe media.
Intro in situ is uitgenodigd om mee te werken aan de vormgeving van de nieuwe Master Artistic Research van de Hogeschool Zuyd en de Universiteit Maastricht. Daarnaast maakt intro in situ deel uit van een Limburgs consortium dat innovatie in de podiumkunsten onderzoekt: Raak-SIA (Regionale Actie Actieve Kenniscirculatie Stichting Innovate Alliantie).
3 Activiteiten 2009-2012
De werkwijze van intro in situ krijgt respons in die zin dat intro in situ steeds vaker gevraagd wordt te participeren in festivals en andere evenementen.
Intro in situ plukt daarmee de vruchten van de afgelopen jaren en is voornemens de activiteiten, zoals ze in voorgaande hoofdstukken beschreven werden, voort te zetten en uit te bouwen. De ambitie om als de voorziening voor hedendaagse muziek in Limburg te blijven fungeren vereist een geleidelijke groei van de personele bezetting. De kernactiviteiten van intro in situ in de komende cultuurplanperiode zijn voor een deel gerelateerd aan de eerder genoemde samenwerkingsverbanden.
De evaluatie van de periode 2004-2007, de positionering van intro in situ als een voorziening voor hedendaagse muziek met de hierboven geformuleerde artistieke identiteit en kernfuncties leiden tot de volgende kernactiviteiten:
1
2 Producties en voorstellingen op locatie (3 a 4 per jaar)
3
4 Programmering in de concertzaal (8 a 10 concerten per jaar) en een thematisch festival.
5
6 Educatieve projecten voor de basisschool en middelbare school (2 per jaar)
7
8 Werkplaatsactiviteiten
Onderzoeksopdrachten in de werkplaats (4 opdrachten per jaar)
CAT producties (2 per jaar)
Studiedagen i.s.m. conservatorium Rotterdam, Den Haag en Maastricht.
Audioscoopavonden, 6211 avonden.
9 Internationale samenwerking in presentatie en productie van klankkunst
10 (1 festival met tentoonstelling)
De auditieve atlas van Limburg zal een innovatief en uitdagend overkoepelend project vormen waarin verschillende locatie-activiteiten worden gebundeld.
Intro in situ begint met het ontwikkelen van de auditieve atlas van Limburg een langjarig project waarin musici en componisten soundscapes maken van plaatsen die op een of andere manier voor hen van betekenis zijn. Deze soundscapes kunnen ‘gewone’ composities zijn, maar ook gecomponeerde klankvelden met omgevingsgeluiden, (dialect)verhalen of liederen. Deze soundscapes worden op een website gezet die gaat fungeren als een (subjectief) auditief geheugen van de Provincie. Deze atlas wordt te zijner tijd uitgebreid met amateur muziekproducties.
De genoemde vijf kernactiviteiten worden nu achtereenvolgens toegelicht. Belangrijke vernieuwingen ten opzichte van de vorige cultuurplanperiode zijn de uitbreiding van de werkplaatsactiviteiten met coachingstrajecten in duidelijke programma’s met onder andere de Hogeschool Zuyd; het onderzoek naar productieprocessen in interdisciplinaire muziekprojecten; de educatieve projecten; en de bundeling tot de auditieve atlas van Limburg.
1. Producties en voorstellingen op locatie
Muziek op de Lichtenberg is het jaarlijkse drieluik waarin in een publieks parcours muziek en klankkunst elkaar afwisselen rondom een eeuwenoude kasteelhoeve (een samenwerkingsproject met Vereniging voor Natuurmonumenten.) Elk jaar wordt een ander ensemble of een solist uitgenodigd deze route vorm te geven.
In Ontmoetingen met Fisher-Diskau zet Intro in situ het onderzoek voort naar live versus gereproduceerde muziek in een project waarin oude opnames van legendarische musici de basis voor nieuw opdrachtcomposities vormen.
In Sint Servaas worden legendes rondom de heilige Sint Servaas in een hoorspel vormgegeven, waarin live muziek en soundscapes zich met elkaar gaan vermengen.
Kijken naar geluid is een jaarlijks weerkerend evenement van Intro in situ met filmhuis Lumière, waarin in film en muziek de relatie tussen beeld en geluid wordt onderzocht en gepresenteerd, met filmbegeleidingen en opdrachten voor nieuw film- en geluidswerk.
Het Cadenzenfestival onderzoekt op multidisciplinaire wijze de tegenstelling tussen streng gecomponeerde muziek en de vrijheid die het maken van een cadens daarin geeft: Kunstenaars uit verschillende disciplines krijgen de vraag om een cadens in een muziekstuk vorm te geven.
Met Daarbuiten loopt een schaap initieert intro een multicultureel slaapliedjes project waarin componisten gevraagd wordt een a capella slaaplied te schrijven, deze worden vervolgens in kinderdagverblijven uitgevoerd.
De Opening WMC Kerkrade 2009 is een productie met een voorbereidingstraject op radio en tv Limburg, bij harmonie- en fanfareorkesten en een apotheose in de openingsweek van het WMC.
2. Concertzaal programmeringHet organiseren van thematische concertseries wordt gecontinueerd.
Met Theater aan het Vrijthof, conservatorium Maastricht en het LSO worden gezamenlijke ‘componistendagen’ georganiseerd.
3. Educatieve projectenIntro in situ bouwt verder aan een netwerk van basisscholen om jaarlijks een project te organiseren waarin de ontwikkeling van het auditief bewustzijn centraal staat.
Daarnaast wordt er ieder jaar een project voor de middelbare school georganiseerd.
Vanuit de hiervoor geschetste visie op muziekeducatie volgen enkele voorbeelden van voorgenomen geluids- en muziekprojecten voor de basisschool.
- Rond de opening van het Wereld Muziek Concours 2009 in Kerkrade produceert intro in situ een educatief project waarbij aan jeugdafdelingen van harmonie en fanfares gevraagd wordt een bijdrage te leveren aan een zogenaamde (eenstemmige) kettingcompositie die live op een parcours door de stad aan elkaar geregen wordt. Radio en tv Limburg worden betrokken in de voorbereiding van dit project.
- Klankspeurtochten. Intro in situ gaat met kinderen op pad om geluidsplattegronden van hun eigen omgeving te maken: Leerlingen van de basisschool brengen geluid en stilte in hun dagelijkse omgeving in kaart. Daaraan gekoppeld maakt intro rondom basisscholen geluidsspeurtochten.
- Intro in situ maakt met kinderen een geluidsmemory-spel.
- Het stofzuigerorkest. Met kinderen wordt een orkest gevormd waarbij het zoeken naar en experimenteren met de muzikale mogelijkheden van alledaagse voorwerpen wordt onderzocht. Hoe klinkt een fiets?
- In de klinkende school gaan het schoolgebouw en de schoolomgeving fungeren als een klankkast waarbij dichtslaande deuren, piepende schoolborden, geklop op de muren van het schoolgebouw een instrument maken.
4. Werkplaatsactiviteiten
Intro in situ koppelt en coacht musici en performancekunstenaars in een onderzoek naar de theatraliteit van musiceren. Intro in situ initieert een project voor musici en een beeldend kunstenaars in een onderzoek naar ruimtelijke partituren en partituurprojectie. Intro in situ brengt musici en een acteur bij elkaar in een onderzoek naar verhalen vertellen.
Intro in situ fungeert als coach bij de CAT (studentengroepen van de Hogeschool Zuyd. Daarnaast blijft de werkplaats toegankelijk voor musici die, met artistieke en facilitaire steun van intro in situ, een werkperiode kunnen aanvragen.
Als experimenteel podium blijft intro in situ elektronische muziek programmeren.
5. Internationale activiteiten
Intro in situ continueert de samenwerking met haar Belgische partner Musica in het ontsluiten van klankkunst voor een groot publiek. Daarnaast participeert intro in situ in een samenwerkingsverband met Kling Klang (Lille), Happy new Ears (Kortrijk), Singuhr (Berlijn) om klankkunstenaars expositiemogelijkheden te bieden.
4 Organisatie en ondersteunend beleid
De hiervoor beschreven kernfuncties van intro in situ als een zelfstandige hedendaagse muziekvoorziening met daarin uitgevoerde kunstprojecten worden ondersteund door een slanke maar effectieve en professionele organisatie. Intro in situ werkt met een bestuur + directie- model. Het bestuur bestaat uit professionals die werkzaam zijn in de culturele sector, het (kunst)onderwijs, wetenschappelijk onderzoek, de politiek en de financiële wereld.
Intro in situ werkt met een artistiek en een zakelijk leider en productionele, administratieve publicitaire en educatieve medewerkers. Daarnaast wordt een beroep gedaan op freelance gastprogrammeurs en gespecialiseerde geluidstechnici.
Marketing en publiciteit
Intro in situ weet een redelijk publieksaantal te bereiken door een stevige inbedding in de plaatselijke en regionale culturele infrastructuur. In festivals en andere samenwerkingsverbanden profiteert intro in situ van gezamenlijke publiciteits acties.
Sinds begin 2007 heeft intro in situ een nieuwe website die nauwgezet wordt bijgehouden. Begin 2008 verschijnt er bovendien een promotie dvd met een compilatie van de activiteiten van de afgelopen jaren en een dubbel LP met fragmenten van de eerder genoemde audioscoopavonden in de werkplaats.
Met de verschillende muziekorganisaties in Maastricht: het LSO, conservatorium Maastricht en Theater aan het Vrijthof worden activiteiten op elkaar afgestemd om tot een coherent stedelijk aanbod te komen. Intro in situ maakt deel uit van het KOM (Kultureel overleg Maastricht) en neemt deel aan periodieke bijeenkomsten in de provincie Limburg waar publiciteits- en marketingmedewerkers overleg voeren.
Ondernemerschap
Om een rol te spelen in de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van creatieve economie en innovatie heeft intro in situ zich aangesloten bij een innovatie platform. Dit wordt vormgegeven onder auspiciën van het expertisecentrum Creative City van de Hogeschool Zuyd, via een SIA RAAK project. Dit platform heeft als doel te innoveren naar een Europees niveau in de podiumkunsten. Het publiek vormt het bestaansrecht van de professionele podiumkunsten. Het publiek is dan ook degene die veranderingen afdwingt binnen deze sector.
Dit platform beoogt hierop in te springen door:
-het ontwikkelen van nieuwe vormen van podiumkunsten;
-een verdieping binnen de professionele podiumkunsten;
-en een verbreding van de zakelijke perspectieven door een verbetering van de relatie met het publiek en nieuwe ondernemingsmogelijkheden voor professionals.
Dit alles naar Europese maatstaven. Diverse professionele culturele organisaties in Maastricht zoals Opera Zuid, Huis van Bourgondië, Het Vervolg en het Limburgs Symfonie Orkest maken, naast intro in situ, deel uit van dit platform.
Publiek
Intro in situ vervult als voorziening voor hedendaagse muziek een driedelige taak: productiehuis, werkplaats en podium. Elk onderdeel vraagt wat publieksbeleid betreft een eigen aanpak.
Producties
Voor haar producties zet Intro in situ in op het bereiken van een nieuw en breed publiek. Publieksonderzoek laat zien dat dit onderdeel hiertoe ook de meeste kansen biedt. De producties worden vaak geprogrammeerd in gerenommeerde festivals waardoor Intro in situ profiteert van de gezamenlijke publiciteitsacties en het publieksbereik dat deze festivals (al) hebben. Ook de bijzondere locaties trekken een breed publiek. De komende jaren zullen de publieksacties zich dan ook voornamelijk richten op een breed publiek waarbij bijvoorbeeld het toeristische circuit maar ook juist de plaatselijke gratis huis aan huis bladen ingezet zullen worden ingezet om meer publiek te bereiken.
De eigen producties vormen een kansrijk ‘exportproduct’. Zo was Intro in situ vertegenwoordigd in het buitenland met haar productie Spotting (B) en met Floating Islands (D) en Ich habe gefunden (O). De contacten met binnen- en buitenlandse festivals zullen onderhouden en uitgebreid worden om de afname mogelijkheden te vergroten. De begin 2008 geproduceerde promotie dvd, met een compilatie van een aantal belangrijke eigen producties van de afgelopen jaren, dient hierbij als ondersteuning.
Podium / concertseries
De concerten in de zaal vinden grotendeels plaats in het ‘officiële’ theater van Maastricht. Sinds 2005 kiest Intro in situ ervoor om de concertreeks thematisch te programmeren. De reeks wordt sinds een aantal jaren ook opgenomen in de Theaterbrochure. Het publieksbereik is daarmee aanzienlijk gestegen. Trok de concertserie in 2004 gemiddeld nog 42 bezoekers per concert in 2006 is dat aantal gestegen naar gemiddeld 72 bezoekers per concert. Uit publieksonderzoek blijkt dat de bezoekers van de concertreeks meer dan de bezoekers van de producties bewuster kiezen op grond van het programma-aanbod. De komende jaren zal Intro in situ het thematisch programmeren voortzetten en met name inzetten op een grotere binding met en uitbreiding van het concertpubliek.
Werkplaats
Het werkplaatspubliek vormt Intro in situ’s meest avontuurlijke publiek. Met collega- instellingen organiseert intro in situ avonden waarop vier instellingen experimenten van kunstenaars uit hun discipline tonen. Een formule die juist inzet op het bereik van het avontuurlijke publiek. Speciaal voor deze avonden gaan de deelnemers met elkaar een nieuw pr beleid ontwikkelen
De elektronische muziekavonden onder de noemer Audioscoop trekken een klein maar geïnteresseerd publiek, een publiek dat niet zozeer bereikt wordt door flyers e.d. maar elkaar op de hoogte brengt via email. Inzet wordt het vergroten van dit bestaande (internationale) netwerk.
Voor alle onderdelen geldt dat Intro in situ meer publiek wil winnen in de grensstreken. Samen met andere Limburgse podia wordt hier de komende tijd onderzoek naar gedaan.
Huisvesting
Intro in situ beschikt sinds 2006 over een eigen huis, hetgeen haar zichtbaarheid in de stad vergroot. In de komende jaren zal deze situatie nog verbeterd gaan worden omdat de gemeente Maastricht in samenwerking met een ontwikkelingsmaatschappij, de verschillende culturele instellingen bij elkaar op een terrein wil gaan huisvesten. Medio 2011 zal intro in situ in dit gebied een eigen werkplaats/ podium kunnen gaan betrekken.




